Direct naar de inhoud

Cookie-instellingen

Kies per soort welke cookies je toestaat. Je kunt je keuze altijd wijzigen via Cookie-instellingen onderaan elke pagina. Privacyverklaring

Noodzakelijk

Altijd aan

Nodig om in te loggen, je winkelwagen te bewaren en je keuzes te onthouden. Deze staan altijd aan.

Welke cookies?
  • weboke_sessie, weboke_klant, weboke_remember: je sessie en ingelogd blijven
  • weboke_basket: je winkelwagen
  • wkBtwIncl: prijzen met of zonder btw tonen
  • wok_cookies: je cookiekeuze, 12 maanden

Meet welke advertentie tot een bezoek of bestelling leidt, zodat we niet betalen voor advertenties die niets doen.

Welke cookies?
  • Google Ads via Google Tag Manager (_gcl_au, _gcl_aw), tot 90 dagen
  • OpenAI Ads, advertenties in ChatGPT
  • wok_aff: via welke partner je bij ons kwam (affiliateprogramma), 60 dagen

4,6

Land en taal

Elk land heeft zijn eigen site, met prijzen en btw van dat land.

Bekijken

www, doorsturen en wat DNS niet doet

Module 3: Records voor je website · Leestijd: 7 minuten

Leerdoel: Na deze les ken je het verschil tussen DNS (waar staat de server) en doorsturen (welke pagina krijg je), en kun je www goed inrichten.

Kernbegrippen: www, doorsturen (redirect, 301/302), domeinpointer of alias, https-certificaat, een pad bestaat niet in de DNS

Wat DNS wel en niet weet

De DNS beantwoordt één soort vraag: "waar staat deze naam?" Het antwoord is een adres (A, AAAA) of een andere naam (CNAME). Daarna is de DNS klaar. Alles wat daarna gebeurt, regelt de webserver op dat adres.

Een webadres bestaat uit meer dan een naam:

https://www.example.com/contact?taal=nl
└─┬─┘   └──────┬───────┘└───┬──┘└──┬──┘
protocol     naam          pad   parameters

Alleen het middelste deel, de naam, komt bij de DNS terecht. Het protocol (https), het pad (/contact) en de parameters ziet de DNS nooit. Daaruit volgen een paar dingen die veel mensen verrassen:

  • De DNS kan niet doorsturen naar een pagina. Een record als "example.com naar othersite.example/actie" bestaat niet.
  • De DNS kiest niet tussen http en https. Of een bezoeker op https terechtkomt, regelt de webserver.
  • De DNS weet niet welke website er op een server staat. Op één IP-adres kunnen honderden websites draaien. De browser stuurt de naam mee in zijn verzoek, en de webserver kiest op basis daarvan de juiste site.
www, doorsturen en wat DNS niet doet 0:48

Doorsturen gebeurt op de webserver

Wil je dat example.com bezoekers doorstuurt naar www.example.com, of dat een tweede domeinnaam naar je hoofdsite gaat? Dan heb je twee stappen nodig:

  1. DNS: laat de naam naar een webserver wijzen die het doorsturen kan doen. Dat is meestal je eigen hosting, of een doorstuurdienst van je registrar.
  2. Webserver: stel daar een doorsturing (redirect) in. De server antwoordt dan niet met een pagina, maar met "ga naar dit andere adres". De browser volgt dat vanzelf.

Een doorsturing heeft een code:

CodeBetekentGebruik je voor
301Permanent verhuisdEen vaste doorsturing, bijvoorbeeld van de kale naam naar www. Zoekmachines nemen het nieuwe adres over.
302 (of 307)Tijdelijk eldersEen tijdelijke actiepagina of onderhoud.

Een domeinpointer of domeinalias is iets anders: dan toont dezelfde website zich onder twee namen, zonder dat de adresbalk verandert. Ook dat regelt het hostingpaneel, niet de DNS. De DNS van de tweede naam moet alleen naar dezelfde server wijzen.

Er bestaat ook frame forwarding: de adresbalk blijft je domein tonen terwijl je een andere site ziet. Dat werkt vaak slecht met moderne websites (die weigeren in een frame te laden) en zoekmachines vinden het niet prettig. Gebruik het liever niet.

www: wel of niet?

www is gewoon een subdomein. Of je je site op www.example.com of op example.com laat draaien, is een keuze. Belangrijk is alleen:

  1. Allebei moeten werken. Mensen typen het een of het ander. Ontbreekt een record voor www, dan krijgen zij een foutmelding dat de site niet bestaat.
  2. Kies één als hoofdadres en laat de andere daarnaar doorsturen met een 301. Dan ziet een zoekmachine één site, niet twee kopieën.

In de DNS komt dat meestal neer op:

example.com.       3600  IN  A      192.0.2.10
www.example.com.   3600  IN  CNAME  example.com.

of een eigen A-record voor www met hetzelfde adres. Een wildcard (les 3.3) kan www ook opvangen. Bij een externe dienst, zoals een webwinkelplatform, wijst www vaak met een CNAME naar de dienst en de kale naam met een A-record naar een adres dat de dienst opgeeft (les 3.2 legt uit waarom).

Het certificaat hoort er ook bij

Een browser toont alleen een slotje als de server een certificaat heeft voor precies de naam die de bezoeker typte. Een certificaat voor example.com dekt www.example.com niet automatisch. Zorg dus dat het certificaat beide namen bevat.

Dat heeft een gevolg voor doorsturen: een bezoeker die https://example.com opent, krijgt eerst een certificaatcontrole en pas daarna de doorsturing. Zonder geldig certificaat voor de kale naam ziet hij een waarschuwing, ook al stuur je hem daarna netjes door. Ook de naam die alleen doorstuurt, heeft dus een certificaat nodig.

Gratis certificaten zoals die van Let's Encrypt controleren of de naam echt naar jouw server wijst. Wijst de DNS nog naar een oude server, dan lukt de aanvraag niet. Eerst de DNS, dan het certificaat.

In de praktijk: zo ziet het eruit in een paneel

Als voorbeeld gebruiken we DirectAdmin. In cPanel, Plesk en andere panelen heet het onderdeel vaak "Redirects" of "Doorsturen".

  1. Open Site Omleiden (doorsturen).
  2. Vul het pad in dat doorgestuurd moet worden, bijvoorbeeld / voor de hele site.
  3. Kies het type: 301 voor permanent.
  4. Vul het doeladres in, met https://.
  5. Sla op.

De DNS van de naam moet daarvoor naar je eigen hosting wijzen. Wijst hij naar een andere dienst, dan komt de bezoeker nooit bij deze doorsturing aan.

Samenvatting

  • DNS geeft alleen het adres van een naam. Pad, protocol en parameters ziet de DNS niet.
  • Doorsturen (301, 302) en domeinpointers regelt de webserver, niet de DNS.
  • Zorg dat zowel de kale naam als www een record hebben, en kies één als hoofdadres.
  • Een certificaat moet elke naam dekken die een bezoeker kan typen, ook de naam die alleen doorstuurt.
  • Eerst de DNS goed, dan het certificaat.

Quiz

1. Kun je met een DNS-record example.com laten doorsturen naar https://othersite.example/actie?



2. Bezoekers die www.example.com typen, krijgen "deze site is niet bereikbaar", terwijl example.com werkt. Wat ontbreekt er waarschijnlijk?



3. Welke doorstuurcode gebruik je om de kale domeinnaam vast naar www te sturen?



4. example.com stuurt door naar https://www.example.com. Bezoekers die https://example.com openen, zien eerst een certificaatwaarschuwing. Waarom?



Opdracht

Opdracht Z3.4: www: CNAME of A? Hoe is www.sidn.nl in de DNS ingericht? Zoek op welk record er voor www.sidn.nl staat en vul het type in (A, AAAA of CNAME) en de waarde. Tip: vraag eerst naar een CNAME.

Er is bij deze les geen instelopdracht in de oefenzone: doorsturen gebeurt op een webserver, niet in de DNS.

Opdracht Z3.4: www: CNAME of A?



Wat je invult en wat we live vinden, slaan we niet op. Je browser onthoudt je antwoorden en of je de opdracht hebt gehaald. Ben je aangemeld, dan bewaren we alleen dat je de opdracht (bijna) goed had in Mijn cursussen; daar kun je het ook verwijderen.

Verder lezen

Deze artikelen beschrijven de stappen in de panelen van WebOké; in andere panelen werken ze vergelijkbaar.

Even geduld…

Stel je domeinen in

Regel per domein de nameservers, de koppeling aan je hosting en wie de eigenaar wordt.

Je domeinen laden…